Anouska Koster begint zondag in Gooik-Geraardsbergen-Gooik aan haar tweede deel van het seizoen. Afgelopen week was ze met de nationale selectie op trainingskamp in Italië. “Hopelijk blijven we in de positieve flow van de afgelopen tijd”, aldus de Nederlandse wegkampioene.
Goed trainingskamp afgewerkt?
“Zeg dat wel. We zaten in Toscane met een groep van ruim tien meiden, onder wie Riejanne en Marianne. De omstandigheden waren perfect om weer op te bouwen richting het tweede deel van het seizoen: goed weer, een prima omgeving. We hebben onze blokjestrainingen gedaan op de bekende klim naar Sassa. En daarnaast hebben we heel wat mooie duurtrainingen afgewerkt. Echt een prachtige omgeving, Toscane. Er was ook nog wat tijd voor ontspanning: op onze rustdag zijn we naar de start van de Giro-etappe in Firenze geweest. Mooi om ook dat eens te zien.”
Hoe kijk je terug op het eerste deel van het seizoen?
“Op zich goed. De sfeer in het team is van begin af aan goed, alleen lieten de eerste successen even op zich wachten. Dat is ook niet gek, want je rijdt in een grotendeels nieuwe groep die het nog niet gewend is met elkaar te koersen. Alles is nieuw, je moet als team op elkaar ingespeeld raken. Wat wil een kopvrouw wel en niet? Hoe kun je haar het beste ondersteunen? Als het eenmaal begint te draaien, zie je wat eruit kan komen. De week met de Amstel Gold Race, de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik was echt prachtig: drie keer een podiumplek voor Kasia. En de overwinningen die daarop volgden waren toch ook niet mis, hè?”
En hoe kijk je terug op jouw prestaties?
“Een steady reeks. Geen echte uitschieters, al ben ik wel steeds iets beter gaan rijden. Dan win je ook nog eens een rit in de Gracia Orlová. Het mooiste vind ik dat we laten zien dat iedereen kan winnen. Kasia is sterk, Riejanne wint meerdere keren, Marianne heeft succes, Moniek rijdt mee om de prijzen. En Valentina pakt natuurlijk Dwars door de Westhoek. Het zijn niet zomaar koersjes die we in de afgelopen weken gewonnen hebben. Het feit dat iedereen kan winnen maakt je als team sterker. Dat geeft de ploeg een boost.”
Waar werk je nu naartoe?
“Juni wordt een heel belangrijke maand. In eerste instantie kijk ik naar de OVO Energy Women’s Tour (7 – 11 juni, red.). Dat is een mooie wedstrijd waar ik hoop goed in koers te zitten en met de besten mee te kunnen. Het is een wedstrijd met WorldTour-status en dus eentje met meer aanzien. En het is ook een wedstrijd die wat specifieker is geworden, met zwaardere etappes. Een goede ontwikkeling voor ons peloton. Natuurlijk is de sfeer rond de Women’s Tour ook geweldig. Je merkt dat de ronde in Engeland leeft, de belangstelling is groot en het enthousiasme van het publiek is aanstekelijk.”
En hoe zit het met het Nederlands kampioenschap in Montferland?
“Ook dat is iets waar ik naar uitkijk. Het is een mooi rondje in een schitterende omgeving. Toen ik op doorreis was naar het zuiden ben ik er al even gestopt om te verkennen. Er wacht een glooiend en daarmee uitdagend parcours. Meerdere punten in de omloop kunnen beslissend zijn.”

